Stadsbouwmeester Nathalie de Vries‘Bij elk nieuw plan vraag ik: wat breng je zelf mee voor Groningen’

Ze staat nu met één been in het opdrachtgeverschap. Tegelijk blijft zij als stadsbouwmeester in Groningen de kritische ontwerper. Het is een nieuwe rol voor Nathalie de Vries, partner van het Rotterdamse bureau MVRDV. Met haar lange en brede carrière in de stedenbouw en architectuur is ze gewend te overleggen, te onderhandelen en te discussiëren. Als stadsbouwmeester kan ze ‘the lead’ nemen en gevraagd en ongevraagd advies geven.
 

Nathalie de Vries (links net in beeld) met collega's op excursie in de wijk Selwerd.

‘Het stadsbouwmeesterschap is charmant holistisch’, zegt de Vries halverwege het gesprek. Het klinkt liever dan ze bedoelt. Waar het haar om te doen is, is dat zij zich in deze functie overal mee kan bemoeien en dat is zeldzaam geworden in de sectorale samenleving als de onze.  

Zeldzaam maar wel hard nodig. De Vries stuurde onlangs een open brief via het tijdschrift De Blauwe Kamer aan de nieuwe regering. Een helder pleidooi om de kostbare ruimte in Nederland niet te grabbel te gooien, maar op basis van goed onderzoek te benutten. ‘Een eerlijk en efficiënt ruimtebeleid zorgt voor een prettige leefomgeving voor ons allemaal’, is haar uitsmijter.      

Geldt deze oproep ook op lokaal niveau?  
‘Wat nu speelt in Groningen en elders is heel sterk een verdelingsvraagstuk. De gemeente moet op zoveel fronten tegelijk opereren. Wat komt eerst? Leefbaarheid van wijken staat vooraan in de rij, maar er is ook de druk van betaalbaarheid van woningen en de snelheid waarmee nieuwe woningen gebouwd moeten worden. Hoe vind je een equilibrium, zeker gezien alle ambities? Voor mij ligt hier een belangrijke taak om te bemiddelen.      

'Waar ik naar streef is de grotere samenhang te zien. We moeten op grotere schaal nadenken over bijvoorbeeld het groen en het blauw in en om de stad. Niet van project naar project hoppen, maar het hele systeem opschalen en aan elkaar knopen. We hebben het tij mee. Het afgelopen coronajaar zijn we ons zo bewust geworden van het capaciteitsprobleem van groen in de stad.’      

U zei eerder: De ideologie moet terug in de volkshuisvesting  
'Ja, zo vatte ik het samen in een interview met het Gronings architectuurplatform Gras. Ik wil werken vanuit een visie op de toekomst van de stad. Voorbij het individueel belang, dat vaak leidt tot verongelijktheid. Voorbij de meetbaarheid, die normeert. Niet alles is meetbaar. 
'We kunnen hier alleen aan ontsnappen door erboven te staan. Handelen vanuit idealisme en een gedeelde visie. 
'Groningen heeft de reputatie eigenzinnig te zijn. Er is hier veel openheid, veel debat en veel ruimte voor dialoog met buurt en gebruikers. De stad schuwt het experiment niet. Als het hier niet kan, waar dan wel?' 
   



Op de fiets door de stad en langs de randen van Groningen. 'Ik streef ernaar om de grotere samenhang te zien. We moeten op grotere schaal nadenken over bijvoorbeeld het groen en het blauw in en om de stad.

Wat bent u van plan?  
'Allereerst zorgen dat ik zichtbaar ben. Ik zoek het publiek op en ga het gesprek aan. Bij de gemeente kaart ik de noodzakelijke hybridisering van programma’s aan. Met de corporaties wil ik de kwaliteitsdiscussie voeren. En ik zal alle plannenmakers op hun gemeenschappelijk verantwoordelijkheid aanspreken. Ik kijk nu al naar nieuwe plannen met de vraag op de lippen: wat breng je zelf mee voor de stad? De tijd van het kan dus het mag is wat mij betreft voorbij.      

‘Maar ik spring ook op een rijdende trein. Groningen heeft niet alleen een prachtige welstandsnota die een mooi raamwerk biedt, ook voor de nieuwe deelnemers Ten Boer en Haren. De stad heeft bovendien de Groninger Vuistregels. Dit zijn tien hoofdregels voor iedereen die in de stad wil gaan bouwen. Hiermee kunnen we al bij aanvang plannenmakers op een compacte wijze kennis laten maken met de belangrijkste richtlijnen waarmee wordt gewerkt aan een duurzame leefbare toekomst van de stad.'     

Wat is uw strategie?
‘Ik geloof in het belang van goed ontwerp. Met ontwerpers kun je aan integraliteit werken, kun je intrinsieke keuzes maken. Alleen de beste ontwerpers kunnen aan de slag in de stad. Of ze nu lokaal of internationaal zijn.      

'Het is ook een kwestie van goed opdrachtgeverschap. Mijn hart breekt als ik zie dat een corporatie een gebouw in Design & Construct laat ontwikkelen. Geld is het incentive bij zo’n contract. Levert dat het beste ontwerp op? Nee. Met Design & Construct krijg je me echt op de kast.’      

'Mijn strategie is: goed voorbeeld van de gemeente zal instituties en corporaties doen volgen. Als je als gemeente veel aandacht besteedt aan leefbaarheid, aan hybride gebouwen, aan mooie overgangen van publiek naar privé, dan kun je ook ontwikkelaars recht op de man vragen: “wat draag jij eigenlijk bij? Je wilt elke centimeter volbouwen, maar je geeft niets terug”.   Ik wil bij ontwikkelaars en andere plannenmakers het gevoel cultiveren dat zij continue auditie moeten doen.’      

Net als in Rotterdam ontwikkelen we in Groningen een Protocol ontwerpersselectie, want het maakt verschil welke ontwerpers je inschakelt per opdracht. Wij zullen brede netten uitgooien bij aanbestedingsprocedures. En tegelijk heel kritisch zijn op externe partijen die zo’n proces begeleiden.      

Hoe herken je een goed ontwerp, ruimtelijke kwaliteit? 
‘Je voelt het. Als mensen de publieke ruimte goed kunnen gebruiken, niet op een eenzijdige manier. Als openbaar groen en water en privéruimte, de tuinen, op een mooie manier in elkaar overlopen. Als het met liefde blijft bestaan.

Een voorbeeld is het Forum op de Grote Markt. Dit gebouw biedt een nieuwe blik op de stad, als je boven op het openbaar terras staat. Je ziet ook dat een heel stuk stad zich aan het Forum optrekt. Op kleiner formaat zou je in de wijken over de stad verdeeld dergelijke gebouwen willen hebben. Een soort hernieuwde wijkcentra die de subcentra in de stad verlevendigen. In Kopenhagen heb je veel van die gebouwen, waarin gemeentelijke diensten, een bibliotheek, school en een klein theater zijn gecombineerd met woningen.  

'Maar ruimtelijke kwaliteit is ook een kwestie van handhaving op bouwen conform indiening. Het verbaast mij dat je daar zo weinig over hoort. Waarom wordt er nauwelijks gehandhaafd? Waarom ontbreekt het soms aan toezicht tijdens de uitvoering? Ontwerpers horen op zijn minst esthetische directievoering te kunnen uitvoeren.      

'De lat ligt hoog. Ik wil voorkomen dat er monofunctionele woningen in monofunctionele wijken worden gebouwd. We gaan nu beginnen met verbeteren (leefbaarheid), vergroenen en verdichten. Zorgen voor gevarieerde programma’s; de wijken veel geschakeerder maken. Je ziet nu al dat er in de stad naast alle drukte en terrassen ook meer rustige plekken worden gecreëerd, speelplekken en bankjes waar je zonder betaalde koffie kunt zitten. Hoog mikken is het doel, voor gelukkige bewoners. De controverse zal ik niet schuwen - ik heb een bureau met een reputatie op dat vlak.      

Nathalie de Vries is mede-oprichter en partner van MVRDV. Naast haar architectuur- en stedenbouwpraktijk is zij hoogleraar Architectural Design aan de TU Delft. De Vries is ook lid van de Raad van Toezicht van het Groninger Museum. Van 2015 tot 2019 was zij voorzitter van de BNA. De Vries groeide op in Pekela en Winschoten.

Foto voorpagina Barbra Verbij


Marijke Bovens | juli | 2021
Aanmelden voor de nieuwsbrief Federatie Ruimtelijke Kwaliteit kan via: https://www.ruimtelijkekwaliteit.nl/aanmelden-nieuwsbrief     

Nieuwe Publicaties

Onderstaande publicaties zijn zolang de voorraad strekt, tegen verzendkosten te bestellen bij de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit: info@ruimtelijkekwaliteit.nl of 020 412 49 64

  • Jaarverslag 2020Jaarverslag 2020

    De Federatie had een bijzonder actief jaar in 2020. De nationale dialoog bouwcultuur. Verhuizing naar Amersfoort. Handreiking adviesstelsel, verkenning bedrijventerreinen. Digitale beeldspraak.

    lees verder

  • Omgevingskwaliteit - investeren in een beter NederlandOmgevingskwaliteit - investeren in een beter Nederland

    De Federatie Ruimtelijke Kwaliteit formuleerde in april 2021 haar wensenlijst voor de komende kabinetsperiode: investeer in kwaliteit.

    lees verder

  • Kwaliteit van bedrijventerreinenKwaliteit van bedrijventerreinen

    De 3500 bedrijventerreinen in ons land zijn zelden pareltjes van ruimtelijke kwaliteit. Toch werkt één derde van de beroepsbevolking op een bedrijventerrein. Er is momenteel in politiek en samenleving veel aandacht voor een aantrekkelijke leefomgeving, maar over een aantrekkelijke werkomgeving wordt minder gesproken.

    Benodigde investeringen vanwege verduurzaming van de energieproductie, klimaatadaptatie of de transformatie van werken naar wonen en winkelen zijn een kans om de ontwerpkwaliteit van de gebieden en gebouwen te verbeteren.

    lees verder

Federatie Ruimtelijke Kwaliteit