Openluchtstations: van kille halte naar warm onthaal

Terwijl de ene stad na de andere een nieuw of vernieuwd station kreeg, stonden NS-reizigers in kleine steden en dorpen te blauwbekken. Nu zijn zij aan de beurt.


Het openluchtstation van Didam, voor en na. (bron Spoorbeeld.nl)

In de stationsbouw gold jarenlang groot, groter en als buitencategorie groots. Arnhem kreeg een spectaculair station, net als Rotterdam. In Delft, Utrecht, Breda, Eindhoven wordt de reiziger gastvrij en stijlvol ontvangen.

Al die tijd stond de reiziger op de stations in de buitenwijken en in de kleine steden en dorpen te blauwbekken op hufterproof perrons, amper beschermd tegen wind en regen. Bankjes met te brede, onhandige leuningen om landlopers en roes-uitslapers te ontmoedigen. Geen plek om naar toe te gaan, maar gauw weg te wezen. Stopplaatsen van treinen, meer zijn het niet, of zoals de spoorontwerpers zeggen: een plank in de wei.

Comfortabel ontvangstdomein
De vers aangetreden spoorbouwmeester Eric Luiten gaat hier verandering in brengen. Hij presenteert zich met het plan de haltes om te toveren tot vitaal en comfortabel ontvangstdomein. Nadrukkelijk willen Prorail en NS samen met gemeenten en provincie het station ook zien als katalysator voor de directe omgeving.

Zij vinden het station en zijn omgeving van cruciale betekenis voor de structuur van de stad, voor de vitaliteit van de wijken en voor de samenhang in het stedelijke verkeer. Daar doen NS en Prorail al veel aan. De piano’s die op de grote stations uitnodigen tot musiceren zijn het tegendeel van hufterproof inrichting. En de huiskamer van Station Baarn is een plek om juist wel naar toe te gaan, voor een afspraak en een kop koffie.

Rommelig
Er zijn veel “openluchtstations”, waar helemaal geen faciliteiten zijn. Een voorlopige inventarisatie telt meer dan 350 haltes, basis- en plusstations. Op het openluchtstation kan nog wel een gebouw staan, maar dat is dan niet als spoordomein in gebruik. Het staat leeg (station Cuijck, Castricum) of is herbestemd. De reiziger vindt alles wat nodig is om te reizen in de buitenlucht. Al moet hij soms wel zoeken door verrommeling van het gebied (Almere Muziekwijk) of vergist hij zich in de ingang door onduidelijk routing (Dordrecht). Soms ook is het station moeilijk te lezen (lees: onvindbaar) door een later aangelegde tunnel, traverse of viaduct.

Civic – the cloud collective heeft in opdracht van Bureau Spoorbouwmeester de ontwerpopgave voor het ontvangstdomein en de buitenruimte geïnventariseerd, geanalyseerd en gerangschikt tot ontwerpprincipes en tools.‘Hartelijk welkom’ heet de brochure waarin het nieuwe beleid voor de stations zonder (functionerend) gebouw uit de doeken wordt gedaan.

Verademing
Naar elk station is goed gekeken. Eerst opruimen en ordenen, dan visueel en functioneel verbinden. Per locatie wordt bezien wat er nodig is en ten slotte wordt er gezorgd voor een comfortabele wachtruimte en andere voorzieningen.
De romantiek van het reizen zul je op de meeste openluchtstations niet echt beleven, maar het is een verademing als de troosteloosheid en lelijkheid van deze haltes weg-ontworpen worden. De reiziger wordt een grote dienst bewezen, nog los van alle ambities voor de stations en directe omgeving en de vraag in hoeverre en wanneer deze gerealiseerd kunnen worden. En als bonus is het op de nieuwe stations altijd mooi weer: de zon schijnt op elke foto in de brochure.

https://www.spoorbeeld.nl/


Aanmelden voor de nieuwsbrief Federatie Ruimtelijke Kwaliteit via: http://www.ruimtelijkekwaliteit.nl/aanmelden-nieuwsbrief

 

 

 

Nieuwe Publicaties

Onderstaande publicaties zijn zolang de voorraad strekt, tegen verzendkosten te bestellen bij de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit: info@ruimtelijkekwaliteit.nl of 020 412 49 64

  • Omgevingskwaliteit - investeren in een beter NederlandOmgevingskwaliteit - investeren in een beter Nederland

    De Federatie Ruimtelijke Kwaliteit formuleerde in april 2021 haar wensenlijst voor de komende kabinetsperiode: investeer in kwaliteit.

    lees verder

  • Kwaliteit van bedrijventerreinenKwaliteit van bedrijventerreinen

    De 3500 bedrijventerreinen in ons land zijn zelden pareltjes van ruimtelijke kwaliteit. Toch werkt één derde van de beroepsbevolking op een bedrijventerrein. Er is momenteel in politiek en samenleving veel aandacht voor een aantrekkelijke leefomgeving, maar over een aantrekkelijke werkomgeving wordt minder gesproken.

    Benodigde investeringen vanwege verduurzaming van de energieproductie, klimaatadaptatie of de transformatie van werken naar wonen en winkelen zijn een kans om de ontwerpkwaliteit van de gebieden en gebouwen te verbeteren.

    lees verder

  • Jaarverslag 2019Jaarverslag 2019

    2019 was onder meer het jaar van werkbezoek van minister Ollongren aan onze Federatie. En we richtten de focus op de culturele daad die het bouwen aan een duurzame toekomst vooral óók is.

    lees verder

Federatie Ruimtelijke Kwaliteit